Ons varkensvlees

Ons varkensvlees

Zoals je nu spareribs eet van het varken, zo at men duizenden jaren geleden het vlees van het wilde zwijn. Werd deze toen nog met pijl en boog gevangen in de bossen, duizenden jaren later gaat het er iets anders aan toe.

De eerste boeren die ook varkens hielden, selecteerden en fokten al varkens die veel vlees op hun botten hadden, die veel biggen kregen en die sterk en gezond waren. Zo ontstonden er allerlei varkensrassen met herkenbare, specifieke eigenschappen.

Het grootste deel van onze duurzame varkens is van het, oorspronkelijk Belgische, Piétrain-ras. Daar werd het tussen 1920 en 1950 bij het plaatsje Piétrain gefokt. Het Piétrain-varken heeft een stevige bouw, dikke billen die er mogen zijn, maar toch een laag vetgehalte. Het is een van de meest gespierde varkensrassen ter wereld, en wat ons betreft de meest smaakvolle. Je herkent hem aan de zwarte vlekken op zijn lijf en kleine, rechtopstaande oren.